Kookvrijwilliger Ron de Lugt aan het woord

We doen het met zijn tienen; de gast is leidend.

Als er in de hospice gesproken wordt over vrijwilligers, worden daarmee meestal bedoeld de mensen die de directe zorg voor de gasten verrichten. Vrijwilligers die de gasten helpen bij zaken die zij niet (meer) zelfstandig kunnen doen en die met het normale dagelijkse leven te maken hebben (zoals helpen bij aan- en uitkleden, wassen, douchen of naar het toilet gaan) en die ‘er zijn’ voor de gasten en hun naasten

Minder aandacht krijgen vaak de vrijwilligers die andere noodzakelijke werkzaamheden in de hospice verrichten. Zo is daar de ‘kookgroep’. Een groep van 10 vrijwilligers die ervoor zorgen dat er dagelijks om halfzes een verse warme maaltijd geserveerd wordt voor de gasten en degenen die met hen mee-eten. 

Ron de Lugt maakt inmiddels ruim tweeënhalf jaar deel uit van deze kookgroep. “Toen ik voor het eerst zelfstandig had gekookt en de reactie van de gasten had ervaren, ging ik met een ‘big smile’ naar huis”, zo vertelt Ron. En dat plezier is in de afgelopen jaren niet minder geworden.

Koken is echt “Ron’s ding”. Hoewel hij er geen opleiding voor heeft gevolgd en in zijn professionele werkzame leven niet als kok werkzaam is geweest, is Ron zijn hele leven al met koken bezig. Koken voor de familie, vrienden en bekenden.

Vijf jaar geleden las Ron in de Molenkruier dat de hospice kookvrijwilligers zocht. Op dat moment kwam het in zijn persoonlijke leven niet uit om hier iets mee te doen; maar het artikel werd uitgeknipt en bewaard. En toen Ron het twee jaar later bij een opruimactie thuis weer terugvond, trok hij de stoute schoenen aan en belde hij met de hospice. Een gesprek volgde en Ron kon beginnen. Hij liep twee keer met een lid van de kookgroep mee om wegwijs te worden en is daarna zelfstandig gaan koken.  

En zelfstandig is het, het koken in de hospice. De groep komt eenmaal per kwartaal bij elkaar om een en ander af te stemmen. Er wordt een rooster gemaakt voor de komende periode en er worden relevante zaken met elkaar afgestemd. Verder loopt de onderlinge communicatie grotendeels via een gemeenschappelijke Dropbox-map en via de app.

Op de dag dat Ron zal koken, belt de in de hospice aanwezige zorgvrijwilliger hem rond 12.00 uur op, om te melden hoeveel gasten er met het eten zijn, wie het zijn, en wie er met de gasten mee-eten. Op basis daarvan en op basis van de informatie die door de andere leden van de kookgroep in de dagen daarvoor in Dropbox is gezet, bepaald Ron zelf wat en hoeveel hij die avond zal klaarmaken en gaat hij daarvoor de boodschappen doen.

De leden van de kookgroep melden in Dropbox praktische zaken zoals wat ze hebben gekookt, wie van de gasten iets niet kan hebben of niet lust, of de gasten grote eters zijn en zo verder. Op die manier wordt voorkomen dat er teveel hetzelfde wordt gegeten, of zaken worden gekookt waar gasten niet tegen kunnen of die ze niet lusten. De gasten zijn leidend voor de te maken keuzes.

Ook familieledenvan de gasten kunnen mee-eten. “We noemden de mensen die kwamen mee-eten eerst mee-eters”, zo vertelt Ron, “maar hebben met elkaar besloten om – gezien de bijklank die deze term heeft - nu te praten over aanschuivers”. De gasten eten zo mogelijk in de huiskamer, maar kunnen – desgewenst - ook op hun eigen kamer eten. 

Het gaat Ron niet alleen om het koken, maar het verwennen van mensen is zijn doel. Daarom besteed hij ook veel aandacht aan hoe het opgediende eten eruitziet en probeert hij zoveel als mogelijk zelf ook de tafel gezellig te dekken en/of het eten zelf bij de gasten op de kamer te brengen. “Dat hoeft niet echt, want dat kunnen de zorgvrijwilligers ook doen, maar ik vind dat fijn om te doen” zegt Ron. “En we kunnen als kookvrijwilligers daar zelf invulling aan geven; die vrijheid hebben we gelukkig”.

Ron voelt zich als een vis in het water in dit vrijwilligerswerk. “Het is een zo’n mooie voorziening, de hospice en het is fijn om deel uit te mogen maken van een fantastisch team dat altijd de gast leidend laat zijn”, zo sluit hij af.